Deja-vu

28-04-2009 00:00

De rest van de week

Omdat we het moeilijk hebben (net m'n baan kwijt, over 4 weken moeten we het huis uit want het is verkocht, maar we hebben nog geen huis, en hoe kunnen we inpakken en verhuizen als ik net geopereerd ben en geen zware dingen mag doen met m'n arm,...) wordt er ook nog een gesprek met de maatschappelijk werker ingepland. Marianne blijkt een superaardig vlot mens waarmee ik onmiddellijk klik. Ze gaat kijken of ze ons kan helpen met het vinden van, al is het maar tijdelijk, woonruimte. Ik wordt gebeld door de auto maatschappij dat de beschadiging aan mijn auto die ik had gemeld door mezelf is veroorzaakt, de dag van de botscan. Ik heb het niet eens gemerkt, Het wordt me nu allemaal te veel. Ik pak deze week zoveel mogelijk dozen in zodat Bas straks niet alles alleen hoeft te doen, totdat ik het vrijdag instort en het echt niet meer trek. Nu uitrusten voor de operatie. De laatste duikjes maar weer inplannen, met Bert en Bas op zoek naar de sepia's, maar ze zijn er nog niet, die ga ik dus missen dit jaar. Balen hoor. Ik vind ook het gedicht uit een film, dat ik meteen zo mooi vond, en hopelijk hoeven we het nog heel lang niet te gebruiken:

Bij mijn graf (Do not Stand at my Grave and Weep door Mary Elizabeth Frye (1904-2004))

Sta bij mijn graf zonder verdriet;
Ik ben niet daar. Ik slaap er niet.
Ik ben de wind in al zijn kracht,
De najaarsregen, zoet en zacht,
De glans op sneeuw onder de maan,
Het zonlicht op het rijpend graan.
Ik ben het snelle speels gerucht
van vogels in hun cirkelvlucht
wanneer je 's ochtends vroeg ontwaakt.
Het licht van sterren dat je raakt.
Sta bij mijn graf en hou je groot.
Ik ben niet daar. Ik ben niet dood.

Ik vind het gedicht van uit Four weedings and a funeral (hieronder) ook wel een bijzondere schoonheid hebben, je voelt de wanhoop en verdriet, maar bovenstaande wint het vanwege de gedachte.

Droeve blues (Funeral blues, door W.H. Auden)

Laat geen klok meer klinken, smoor de telefoon
Spreek de hond die blafte toe op strenge toon
Demp pianoklanken, stop met wat je doet
Laat de kist maar komen en de stille stoet

Volg de strakke strepen van een verre vlucht
Hij is echt vertrokken, komt niet meer terug
Vang de witte duiven, met een bloedend hart
Steek de oom agenten stemmig in het zwart

Mijn kompas, mijn anker, stevig voor de kust
Alledaagse dingen en mijn zondagsrust
Middernacht en morgen, stilte en gesprek
Liefde leek voor eeuwig, dacht niet aan vertrek

Doof nu alle sterren, laat geen licht meer aan
Stop de zonnestralen en verberg de maan
Kap de groene bossen, leeg de blauwe zee
Niets meer te beleven, niets valt ooit meer mee

 

Dinsdag 21 april. Uitslagen.

Vandaag alle uitslagen binnen. Het goede nieuws: de rest van het lichaam (hersenen, borst, buik, botten) is "schoon". Het minder goede nieuws: om te beginnen een flinke operatie waarbij de tumor en alle lymfeklieren zullen worden verwijderd. Nu denken ze dat het toch zeer waarschijnlijk dezelfde grillige kanker is als de vorige keer. Geeft niet veel vertouwen in de analysecapaciteit als ze op een monster A repen en op het volgende monster B. Vooral die lymfeklieren is een grote tegenvaller want daarmee mogelijk definitief problemen met het gebruiken van m'n rechterarm. En dat hadden we laatste keer zo succesvol vermeden. Maar echt te onderhandelen viel er nu niet. Duimen maar! De operatie is komende maandag al. Het gaat zo snel. Daarna gesprek met de anaesthesist. Uitgelegd van de blaren van de pleisters van de vorige keer, en van de pijn van de infusen. Hij denkt dat de aders worden kapotgespoten als het infuus te snel wordt ingespoten, dus dat schrijft hij op, en dan ook nog om geen jodium te gebruiken. Ook moet ik weer bloed prikken. Als ik vraag waarom, hoor ik dat de hb de vorige keer extreem laag was. Dit blijkt de dag na de vorige operatie te zijn. Blijkbaar heb ik toen heel veel bloed verloren horen we. Fijn omdat nu pas te horen (niet!) - dat verklaart waarschijnlijk de enorme moeheid en slechte conditie na de vorige operatie. Ik besluit alvast aan de staalpillen te gaan om er deze keer beter door te komen. wat gedoe over d emp3-speler, ik vraag of iemand een handtekening wil zetten voor eventuele problemen straks bij de operatiezaal.Dan terug naar de mammacareverpleegkundige waar m'n armen worden opgemeten om bij te kunnen houden of ik last heb van oedeem in m'n arm straks als er geen lymfeklieren meer zitten.

 

Vrijdag 17 april. Botscan.

Vandaag de botscan. 's Ochtends wordt de vloeistof rustig ingespoten. Dan naar huis waar ik zo veel drink dat ik misselijk wordt. De scan zelf is een half uurtje stilliggen terwijl het apparaat over me beweegt. Ik kan op het scherm meekijken naar de stippeltjes radioactiviteit.

 

Donderdag 16 april. Nog meer testen.

De mammagrafie was aan het eind van de middag gepland maar om ons wachttijd te besparen, en ze bij de radiologie erg uitlopen, mag die eerst, wat een service wat fijn dat zo iemand is die dat bedenkt. Blij als dat weer klaar is. Dan al snel aan de beurt voor weer een echo van de oksel rechts en weer een biopt. Weer vind ik het stom dat na de punctie nog een keer geprikt moet worden. We hebben een of andere Chinees die een beginner lijkt want hij begint en houdt vol dat er niets aan de hand is en er niets zit. Als wij hem een paar keer hebben verzekerd dat er wel iets zit, dat er gerpikt is met positieve uitslag, en waar het zit, kan ie het eindelijk vinden. Prikken gaat ook niet in een keer goed, maar eindelijk is het dan klaar.

 

Woensdag 15 april. Niet te geloven.

We zijn weer terug bij dr. Vrijland, omdat het inderdaad gelukt is de uitslag binnen een dag te krijgen. Tot onze grote schrik krijgen we te horen dat ik weer kanker heb. Ongelofelijk maar waar. En geen uitzaaiing van de vorige keer, maar een ander type ook nog. De artsen snappen het ook nog niet. Een hoop testen de komende dagen - ik word nu echt helemaal binnenste buiten gekeerd. Volgende week waarschijnlijk al weer een operatie. Dinsdag weten we meer. Patrica doet haar best en de week wordt volgepland. Meteen door om bloed te prikken (er is niet echt een marker voor borstkanker maar toch maar checken). Dan een lichaams CT-scan, van de hersenen, borst- en buikholte. Ik krijg een infuus en lig in een apparaat. Het inspuiten van het infuus doet extreem zeer. Maar dan kan ik weer naar Bas en naar huis. Dan de moeilijke telefoontjes en mailtjes naar familie en vrienden. Iedereen schrikt enorm. Ik weet niet wat te doen. Net zonder werk, had een sollicitatie lopen, wilde eventueel voor mezelf beginnen, overal gaat een dikke streep door. Extra eng nu er geen vangnet van werk is. En we zitten met het huis, er moet een nieuw huis worden gevonden en ingepakt en verhuisd... hoe gaan we dat allemaal bolwerken?

 

Dinsdag 14 april. Bijna vergeten!

Zesde controle. In de drukte rond huis verkopen, supersollicitatie, waren we het bijna vergeten, voor het eerst gaan we helemaal blanco naar de controle. Begint het eindelijk gewoon te worden. Maar als dr. Vrijland het litteken voelt zegt ze tot onze grote schrik dat ze mogelijk iets voelt. Het zal wel niets zijn, over 3 maanden toch maar een extra scan laten maken. Patricia gaat even weg en komt terug dat de echo nu al kan. "Ik ken jullie een beetje", zegt ze, "anders ga je je toch maar zorgen maken". Heel lief, maar ik hoop dat ze ons geen zeurpieten vindt, dit zegt ze misschien omdat we de vorige echo in januari vervroegd hadden omdat we ongerust waren door de pijn. Toch is het inderdaad wel fijn om nu meteen maar even te laten checken, dan zijn we er maar weer van af. We hebben gelukkig dr. van Seijen weer, de beste radioloog en aardige man met de aardigste assistent. De schok dringt eigenlijk pas echt door als hij heel nuchter zegt dat er inderdaad iets zit. Ik kijk hem in shock aan en kan het nog niet helemaal bevatten. "En wat nu, betekent dat een punctie?" "Laten we maar doen he", zegt ie. De punctie doet heel zeer ook omdat het niet meevalt door het littekenweefsel te komen. Aangeslagen komen we terug bij dr. Vrijland en Patricia, die dit ook absoluut niet hadden verwacht. Dr. Vrijland checkt nog of de radioloog al iets kan zeggen welke kant het uitgaat, maar hij heeft geen idee. Morgen terugkomen, als het meezit hebben ze dan de uitslag.